(111) Goede wacht

Dit keer een bijdrage uit de wijkverpleging. Hoe professioneel deze medewerkers ook zijn naar hun cliënten, het is en blijft mensenwerk. Dat komt nog het meest tot uiting wanneer het dagelijkse werk zich uitstrekt naar de palliatieve zorgverlening. Naast professie komen dan toch ook emoties om de hoek kijken. Het is en blijft immers werk voor mensen door mensen en alles wat daarbij komt kijken. Voor al deze medewerkers is het wat mij betreft niets dan lof!

En dan volgt nu de bijdrage van Nella … een bijdrage uit de wijkverpleging, ergens in het land.

“Goede wacht,” dit waren de woorden die ik jarenlang heb gehoord. In de nachtdienst, nadat ik u de zorg had verleend die u nodig had.

De band die ik met u heb gehad was bijzonder, ons leeftijdsverschil van 40 jaar deed daar niks aan af. U noemde u mij uw vriendin. Niet zozeer dat ik bij u op bezoek kwam buiten mijn werktijd om … al hoewel. De vele gesprekken over het leven zelf, zoals de strijd om als hoogopgeleide vrouw in die tijd te willen blijven werken toen u getrouwd was en kinderen kreeg. Dat was in die tijd zeer ongebruikelijk en heeft heel wat strijd gekost. Maar u heeft volgehouden en nooit opgegeven waarin u geloofde. Dat waren de krachtige verhalen. Jezelf blijven ontwikkelen, niet stilstaan, want dat was per definitie achteruitgang. Zelfstandig als vrouw zijn en blijven, eigen regie voeren… Dat was één van de vele verhalen en lessen en leer momenten over het leven zelf. Ook de liefde voor uw overleden echtgenoot, die u zo heeft gesteund in die jaren van strijd om als vrouw je eigen weg te volgen. De vele dankbare momenten met uw man, kinderen en kleinkinderen samen. De bezoeken van uw kinderen, die zeer geregeld kwamen en de kleinkinderen noemde u cadeautjes.

Het is 4 mei 2019, dodenherdenking. Uw gezondheid gaat heel snel achteruit, wanneer ik zoals altijd rond de klok van middernacht binnen kom. Zoals altijd staat de tv aan, maar nu niet met de nieuwsrubrieken, maar de Tweede Wereld Oorlog is aan de gang. De bommen en al hetgeen wat erbij hoort, verlicht en overspoelt aan geluid uw woonkamer, van een op dit moment veel te groot tv-scherm. Ik zie aan u dat de WO II zich niet alleen op de tv afspeelt, maar ook in u. U zegt met een iets wat betraand gezicht, wat ik zeer zelden in al die 7 jaar niet eerder heb gezien bij u, dat ik mag gaan en dat als het mij uitkomt later op de nacht of zelfs in de ochtend mag terugkomen. Uw stem trilt. Mijn twijfel om te gaan is groot, maar omdat u het zo nadrukkelijk zegt en u niet van poespas houdt, loop ik in eerste instantie weg. Maar voordat ik door de deur naar buiten ga, loop ik terug en vraag: “Mag ik met u meekijken, zodat wij samen zijn …?” “Als jij dat zo graag wilt” en “heb jij daar wel tijd voor?” vroeg u op een scherpe toon aan mij. Voor sommige situaties maak ik graag tijd vrij. Ik ken u en snap dat u het snel al ziet als medelijden of te veel betrokkenheid. Ik moet het voorzichtig overbrengen. Want het idee alleen al. Dat je een ander nodig zou hebben, of medelijden zou krijgen. Dat paste helemaal niet bij u en daar gingen uw haren recht van overeind staan. Dat wist ik wel. “Ik kom toch altijd even naast u zitten” was mijn antwoord, om normaal gesproken de dag door te nemen. “Dat was waar”, bevestigde u. De toon werd alweer veel milder. Eenmaal naast u, voelde ik de trilling in uw handen, en als zo vaak pakte ik ze even vast, zo ook nu. Doordat uw handen zo trilden, omsloot ik ze met mijn tweede hand. Nietszeggend keken wij samen die film af. Ik weet dat u absoluut niet over de oorlog wilt praten, ondanks onze zeer hechte band. Dat tijdperk is voor u een gesloten boek. Als eenmaal de film afgelopen is, geef ik u de zorg die wij elke nacht bij u geven.

“Vond je het niet vervelend, dat je bent gebleven?”, was uw vraag aan mij. “Nee, het samen zijn op dit moment bij u, is voor mij zoveel meer van betekenis”. “Voor mij ook”, zegt u. “Jij weet helemaal niet hoeveel jij voor mij betekent, want ik zeg het eigenlijk niet zo vaak tegen je. Zelden eigenlijk.” “Dat hoeft ook niet. Sommige situaties voel je gewoon aan,” was mijn antwoord. Dit is de essentie van zorg. Dat weet ik al veel langer, maar nu voelde ik het ook zo nadrukkelijk.

In de laatste week van uw leven wordt u benauwder, onrustiger en angstiger in toenemende mate. Ik heb die week toevallig zelf nachtdienst. Tijdens de vele uren van angst en onrust was ik bij u. De vragen die in dit soort situaties altijd gevraagd moeten worden, stelde ik. En waar wij het ook al veel eerder over gehad hadden, toen er nog niks aan de hand was. U wilde rustig, het liefst slapend sterven. De gesprekken worden intenser, uw gevoeligheid en uw zachte kant komen veel meer naar boven drijven, net zoals de tevredenheid over een voltooid leven. Het was zo’n mooie waardevolle tijd samen in de laatste week. De cocktail aan medicatie die iemand krijgt als diegene ernstig benauwd of onrustig is (in een bepaalde fase) en dat ook zo wil, zoals bij u dat het geval was zou die avond, wordt gestart. En, zoals beloofd, zal ik u nog verzorgen.

Het hoogtepunt van onze band en contact werd voor mij bereikt, toen uw zoon mij opbelde en vroeg of ik nog wilde langskomen zodat u nog bij kennis afscheid van mij kon nemen. Natuurlijk zou ik langskomen. Met toch wel heel wat lood in mijn schoenen ging ik naar u toe. Ik vond het eerlijk gezegd toch moeilijk, maar eenmaal bij u, overviel mij de rust die u had. Van de angst en onrust was niks meer te merken. U was klaar voor de laatste reis. Vrolijk bijna vroeg u aan mij, of u mij wat mocht geven. Die vraag had u al vaker gesteld aan mij. Zoals ook nu, hoef ik niets van u te hebben. “Alles wat u mij zou willen geven, vervaagt bij het contact en de band die wij hebben gehad”. U glimlachte naar mij. “Je hebt wel gelijk, wat wij hadden samen was uniek in alle opzichten”. Met mijn laatste groet en een kus op uw wang verlaat ik uw woning. Onderweg naar huis, rollen de tranen over mijn wangen. Niet om het feit dat u snel komt te overlijden, maar om de mooie en vele herinneringen die wij samen hebben gehad. Ik realiseerde mij: dit is en was LIEFDE. Ik voel liefde en dankbaarheid voor de tijd met u samen. En een enorm gemis voor de tijd die komen gaat waarin ik u moet missen.

Dag Lieve Vriendin!

(108) Er zijn van die momenten in je leven…

Er zijn van die momenten in je leven, soms zelfs na jaren, dat je terug bent bij dat moment… dat moment dat je zoveel pijn of verdriet had… verdriet, omdat je een dierbare verloor… pijn, omdat je ernstig ziek was… dat je dacht dat je genezen was en bleek, dat je weer kanker hebt… of…

Dergelijke momenten heb je nu eenmaal bij het verwerken van je verdriet of van je rouw… ook al is dat misschien alweer jaren geleden. Op dergelijke momenten schiet je weer in je verdriet… moet je misschien weer net zo heftig huilen als toen… doet het misschien weer net zoveel pijn als toen. Dat mag, ook al is het misschien na jaren, daar is niets mis mee!

Mensen om je heen… zelfs dierbare mensen zoals familie en vrienden… begrijpen er misschien niets (meer) van wat er bij jou op dat moment gebeurt. Wanneer er dan wordt gevraagd wat er aan de hand is… en je gewoon geen woorden weet te vinden wat je op dat moment voelt… ja, dan is ook dat OK.

Misschien helpt het wanneer je geen woorden weet… als antwoord op hun vraag… dat je deze muziek laat horen gespeeld door Lili Haydn – The Last Serenade. Tranen en begrip komen dan vanzelf wel. Misschien begrijpen ze… of misschien voelen ze… wat er bij jou aan de hand is. En misschien ook niet. Zolang jij het maar begrijpt!

De verwerking van rouw kan best wel een tijdje duren. Dat is heel normaal. Iedereen verwerkt rouw immers op een eigen manier.

Maar let wel, het moet niet zo zijn dat je in je verdriet blijft hangen. De rauwe rouw van vroeger moet wel zijn veranderd in de zachte pijn van het verdriet en het gemis van nu. Want als die rauwe pijn van toen… nu nog, na jaren, aanwezig is… dan zou het goed zijn om hulp te zoeken. Geef dan wel aan dat het om de verwerking van jouw rouw gaat! Veel mensen gaan ervan uit dat jij je rouw inmiddels hebt verwerkt. Niet iedereen legt na jaren direct het verband dat het bij jou nog om (uitgestelde) rouwverwerking gaat.

(106) De wachtkamer

In de wachtkamer van de Poli Radiotherapie was het stil. De stilte was, ondanks dat er zachtjes tussen de aanwezigen werd gesproken, bijna sereen te noemen. Je kwam er tot rust. Dat was voor sommigen wel nodig gezien de behandelingen waarvoor zij kwamen.

Sommigen waren gelaten en hadden zoiets van… ja… het moet maar… het is niet anders… ik heb kanker… ik moet nog maar zien of ik daarvan mag genezen… ik ga ervoor en zie wel hoever ik kom. Anderen bladerden in een tijdschrift of waren verzonken in de berichten op hun telefoon. Ook waren er af en toe groepjes die zich geen houding wisten te geven, luid pratend met elkaar terwijl de patiënt die zij begeleidden er maar stilletjes bijzat… niet in het gesprek betrokken werd… alsof deze gewoon niet aanwezig was. Maar de serene sfeer in de wachtkamer had uiteindelijk toch het gevolg dat de aanwezigen zich begonnen te ontspannen.

Het was niet altijd makkelijk om het verschil tussen de patiënt en de begeleider te zien. Maar soms was het glashelder wie de patiënt was… wanneer je in de ogen van de ander keek, leek het net… of die ander naar een andere wereld keek… een onvoorstelbaar schitterende wereld waarin harmonie en ware-liefde centrale thema’s zijn. Op zo’n moment was het alsof mijn wereld letterlijk tot stilstand kwam… alsof ik weer in de ogen van mijn dochter keek… in de dagen voor haar overlijden. Zodra ik mij weer bewust werd van mijn omgeving kon ik aan de blik van de ander zien dat we elkaar begrepen… en op de een of andere manier… ook met elkaar verbonden waren.

De sfeer in de wachtkamer veranderde… het werd onrustig. Twee vrouwen kwamen binnen. De een gelaten, stil en naar binnen gericht. De ander onrustig en ietwat geagiteerd. Het was bijna onmogelijk om niet naar het gesprek te luisteren.

Het gesprek ging over het gegeven dat de patiënt het weliswaar ontzettend fijn vond en de ander ook heel dankbaar was dat deze haar dagelijks naar het ziekenhuis bracht, de patiënt toch iets terug wilde doen als blijk van waardering. Maar ondanks dat de ander het met liefde deed zonder daarbij iets terug te verwachten, voelde de patiënt zich bezwaard.

Ik kon met die twee mensen meevoelen omdat ik ook iemand begeleid en daar af en toe ook een dergelijk gesprek plaatsvindt.

Inmiddels ben ik van mening dat gevierd zou moeten worden dat mensen bereid zijn elkaar te helpen zonder daarvoor een tegenprestatie te verwachten. En tevens dient te worden gevierd dat een (ernstig) zieke patiënt bereid is om de hulp van een ander te accepteren… want ook dat is voor die patiënt (soms) moeilijk te aanvaarden.

Persoonlijk ben ik ook van mening dat dergelijke momenten niet moeten worden gevierd omdat de patiënt nog in leven is… nee, iedereen, of die nu gezond of ziek is, moet in mijn ogen immers iedere dag vieren en alles uit het leven halen wat er menselijkerwijs ook maar inzit.

Maar het mooiste vind ik nog wel dat uit een aantal gesprekken bij mij het beeld ontstond dat je in moeilijke situaties hulp krijgt van mensen waarvan je het in eerste instantie niet zou hebben verwacht.

Het blijkt maar weer, er zijn vele engelen onder ons.

(105) December 2018 Kerstgevoel

Laat de Goedheid in jou het Wonder voor de ander zijn.

Kerst staat voor de deur met al zijn glitters en schitters die in straten, huizen, winkels, kerken en scholen stralen om de kerst te verwelkomen als een warme deken die ons allen doet verblijden, verbinden, verliezen in moeilijke momenten , in het moment van SamenZijn en onze Ziel en Zaligheid te mogen uiten in twee daagjes die onze lieve Heer ons doet versmelten.

Onze Ziel en Zaligheid gaat ver terug in een tijd waarin mijn Kerstherinneringen mijn Ziel doet dansen bij het horen van al die mooie Kerstliedjes, het zien van alle Kerstlichtjes – de Zaligheid die dan voelbaar is brengt je even terug in de tijd , je doet stilstaan net als de sneeuw die een deken van sereniteit en rust uitstraat in de herinneringen die gepaard gaan met tranen van vreugde, maar ook parels zijn van verdriet.

De Ziel van mijn vader die deze periode extra aanwezig is, de Ziel van KerstSpirit altijd zo mooi  en  geweldig vond als we met z’n allen aan een mooie gedekte tafel zaten, waarbij familie, vrienden en onbekenden zich zelf mochten zijn, waarbij een lach en muziek zich verbonden met elkaar onder het genot van heerlijke gerechten en dranken die deze bijzondere ontmoeting compleet maakten. De smaakvolle mooie uitziende gerechten die met onvoorwaardelijke Liefde bereidt waren , waarbij  Saamhorigheid als één van de belangrijkste ingrediënten voelbaar en tastbaar waren in deze daagjes van vreugde, maar ook van verplichtingen, die vanzelfsprekend waren.

Deze eenheid van toen, het SamenZijn voel ik nog steeds als ik de KerstSpirit zijn gang laat gaan.

Deze tijd brengt herinneringen, brengt vreugde, brengt verdriet, brengt kracht, brengt eenzaamheid, brengt cadeaus en geschenken in vele vormen. Het mooiste geschenk ben je uiteindelijk zelf doordat je eigen Ziel zijn eigen plan voor ieder stukje van je leven naar waarde schat. Dit stuk in je leven brengt dat je terugkijkt op het afgelopen jaar, maar ook uitkijkt naar het nieuwe jaar, waarbij je mag erkennen hoe je je ontwikkeld hebt, wat je bereikt hebt.

Waardeer hoezeer je bent uitgegroeid tot een liefdevol, creatief mens die zijn eigen bijdrage levert op wat voor manier dan ook. De waarde die jij jezelf geeft, straal je uit, draag je uit waar je bent en met wie je bent.

Deze waarde, de Kerstwaarde is van groot belang, echter weten we ook allemaal dat deze KerstSpirit je ook doet beseffen dat je zo dankbaar mag zijn dat je deze mooie Kerstherinneringen hebt, mogen ervaren, dat je de gerechten van het Leven mag delen en dat jij je eigen KerstSpirit mag delen met dierbaren om je heen.

Het leven brengt ons niet altijd de geschenken die we willen ontvangen, echter elk geschenk mag wel uitgepakt worden op jouw manier. Jouw manier is de enige die je doet beseffen dat deze KerstSpirit er is of niet.

Er zijn miljoenen mensen die deze KerstSpirit niet tastbaar kunnen maken met het kiezen van recepten als een gevulde kalkoen of toch maar iets vegetarisch om het wel en wee van Moeder Aarde te respecteren, deze uitbundige daagjes zijn voor velen niet zo uitbundig en dat is denk ik de KerstSpirit die we ook mogen delen met elkaar als we samen zijn.

Kijk eens terug naar je leven, en doe dat met waardering en respect.  Hoeveel moeite je misschien ook hebt gehad, het zijn allemaal waardevolle onderdelen van jouw persoonlijke reis geweest. Geen ervan was fout. Houd van de persoon die je nu bent, en van alles wat heeft bijgedragen tot jouw evolutie.

Laten we De Goedheid die deze twee dagen mag uitdragen als een geschenk zien en deze delen met elkaar. De goedheid zien in die ander, in jezelf, in je kleinste overwinningen die je dit jaar hebt mogen bereiken. De kleinste overwinningen brengen nieuwe geschenken die onder de Kerst Boom liggen als wondertjes die je helpen om deze bruisende tijd te verlichten in welke vertaling dan ook.

Goedheid groeit in me elke keer wanneer ik dank uitspreek voor al het goede in mijn leven. Ik zie de wijsheid van goedheid telkens wanneer iets dat was geblokkeerd opnieuw begint te stromen, of wanneer het antwoord op een moeilijk probleem onverwachts komt. Ik denk eraan om te vragen om goedheid. Ik sta open voor de zegeningen ervan.

Verlicht elkaar, verlicht jezelf. Brandt een kaarsje voor jezelf en voor die ander die helaas geen kaarsje kan branden, laat dit wondertje van Licht zijn Energie brengen daar waar het nodig is.

Laat het wonder van Kerst het Licht brengen in de soms donkere tijden die je meemaakt, laat het wonder Licht zich delen met die ander om zich te vermenigvuldigen in de Energie die de lichtjes op straat, in huizen  uitstralen. Laat de warmte die dit Licht uitstraalt in de Energie vermengen en zich versmelten tot de juiste eenheid.
Ik wens een ieder de mooiste Kerst toe en dat de KerstSpirit een ieder van ons mag verblijden, verbinden en verliezen in het moment van SamenZijn.

Laat de Goedheid in jou het Wonder voor de ander zijn.

Wat ik gewild heb
H. Oosterhuis – muziek: A. Oomen

(104) Alsof het zo had moeten zijn

Op 3 december 2018 bestond de Stichting Jouw Rouwverwerking (de Stichting) 5 jaar. Ja, 5 jaar alweer. Wat gaat de tijd toch hard.

De oprichting van de Stichting Jouw Rouwverwerking is een van de resultaten van de invulling van de laatste wens van mijn dochter Anne Birgit, toen zij in 2000 op 21-jarige leeftijd overleed. Zij wilde dat ik mijn ervaring ging inzetten om mensen te helpen met het verwerken van hun rouw. Dat moment, toen ik haar beloofde haar wens te realiseren, kan ik mij nog steeds helder herinneren, alsof het gisteren was gebeurd. Toen had ik echter nog geen enkel idee wat het voor mij persoonlijk zou gaan betekenen. Laat staan dat ik een idee had hoe ik de ommezwaai zou kunnen maken van het managen van complexe multidisciplinaire projecten naar rouwverwerking, maar uitdagingen ga ik zelden uit de weg. Een eenmaal gemaakte belofte is voor mij “heilig,” zeker wanneer het de invulling betreft van de laatste wens van je dochter.

In 2011 drong Mary-Anne, mijn echtgenote, vlak voor haar overlijden er op aan om de laatste wens van onze dochter te realiseren.

Toch heeft het uiteindelijk nog tot 2013 geduurd voordat ik het lef had om met de invullingvan mijn belofte te beginnen. Achteraf gezien was die lange periode noodzakelijk. In die periode mocht ik complexe internationale projecten managen met een soms onmogelijk hoge werkdruk. De medewerkers kwamen overal van de wereld vandaan, met verschillende achtergronden, talen, culturen en verschillende interpretaties van woorden, meningen en begrippen. Het zelfde gold voor de klanten waarvoor wij werkten. Na het overlijden van Mary-Anne was ik in de daaropvolgende jaren steeds langer en steeds verder van huis. Het leek alsof ik vluchtte in mijn werk. Het was niet alleen vluchten, het was ook de uitdaging die ik aanging. In die periode gaf ik voornamelijk leiding aan mensen in de meest uiteenlopende situaties… het was ook de periode dat mijn gouden teams ontstonden. Alsof het zo had moeten zijn… die periode bleek de opgedane ervaring, hoe om te gaan met de meest uiteenlopende mensen, een goede voorbereiding te zijn voor de invulling van de laatste wens van mijn dochter Anne Birgit.

In de zomer van 2013 begon ik eindelijk te schrijven over mijn rouw en de verwerking van mijn rouw. Het was ook de periode waar ik bij toeval in het NRC de artikelen tegenkwam van Gijsbert van Es over de verwerking van rouw. Het centrale thema van de artikelen van Gijsbert was hoe mensen 10 tot 15 jaar later omgingen met hun verdriet van het verlies van een dierbare. In de aanloop naar het interview eind 2013 ontstonden ook de ideeën hoe ik mijn belofte aan mijn dochter kon invullen. Het resultaat was dat in december 2013 de Stichting Jouw Rouwverwerking werd opgericht en een interview door Gijsbert in het NRC werd gepubliceerd over de verwerking van mijn rouw 13 jaar na het overlijden van mijn dochter en hoe ik haar laatste wens wilde concretiseren. Alsof het zo had moeten zijn… op dat moment vielen stukjes van de puzzel op hun plaats. 

Het uitgangspunt voor de Stichting werd in 2013 ondermeer omschreven als:

“Het persoonlijk verlies dat mensen doormaken kun je nauwelijks voorstellen anders dan door diegenen die dit eerder hebben ervaren en bereid zijn de lessen die zij daarbij hebben geleerd met anderen te delen en hen te laten zien dat er wel degelijk een licht is aan het einde van de tunnel.”

Een paar jaar later kwam ik erachter dat het licht aan het einde van de tunnel niet belangrijk is, maar het licht dat in jouzelf zit. Dat licht in jouzelf is echter belangrijk en het zal je altijd in veiligheid brengen [1]. 

In de zomer van 2017 constateerde ik dat ik op een punt was gekomen dat ik daadwerkelijk kon zeggen dat ik mijn overleden dierbaren heb losgelaten en dat zij daarmee verder kunnen gaan op hun pad in het universum waar zij nu zijn. Hun aanwezigheid kan ik weliswaar niet meer voelen maar op de een of andere manier besef ik dat we altijd met elkaar verbonden blijven. Tegelijkertijd gaf mijn gevoel ook duidelijk aan dat de verwerking van mijn rouw weliswaar was afgerond, maar dat dit naar mijn mening nooit voltooid zou zijn. Zo zijn er nog steeds momenten dat ik aan AnneBirgit en Mary-Anne terugdenk, dan voelt mijn verdriet als een zachte pijn.

Wat ik in die zomer ook ontdekte was dat ik voorbijging aan onnodig gedoe, onzin gesprekken of onzin discussies. Het voelde alsof ik een volledig nieuw leven moest samenpersen op dat deel van mijn levenspad waarop ik toen liep. Het werd mij ook duidelijk dat ik gebruikmakend van alle lessen die ik had geleerd, definitief verder kon met een leven vol blijdschap, kansen en vooral nieuwe uitdagingen.

Nu, in december 2018 is mijn beleving en het beeld van die zomer in 2017 alleen maar versterkt. Bijna iedere dag verbaas ik mij weer van de nieuwe kansen en mogelijkheden die ik op mijn levenspad tegenkom. Alsof het zo had moeten zijn… het is voor mij een bevestiging dat de aanpak van de Stichting voor mij persoonlijk heeft gewerkt… en tegelijkertijd is het voor mij een bevestiging dat ik met de juiste dingen bezig ben.

Terugkijkend, ja makkelijk gezegd als het meeste achter de rug is… terugkijkend, ben ik voor mijn gevoel sterker geworden… en gaat het tijdens de verwerking van rouw niet alleen over verdriet… maar juist ook over liefde, blijheid en geluk.

  1. “Er is niets wonderbaarlijks aan een wonder” – De essentie van White Bull, 1e druk, blz. 72, door Ian Graham, uitgeverij Happy View.